-
Onze riviercruise over de Rio de la Plata (deel II)

Deel 2: van Colonia del Sacramento naar La Plata
De mooiste zonsondergangen in Colonia
Soms komen we op een plek waarvan we denken: dit is het, hier hadden we veel eerder naartoe moeten gaan. Colonia del Sacramento, oftewel Colonia, in Uruguay is precies zo’n plek. Colonia is een prachtige oude stad gesticht in de zeventiende eeuw door de Portugezen. Lange lanen met hoge platanen en nauwe straten met kinderkopjes geven de stad een zwoele, Zuid-Europese sfeer. De kleine haven waar onze Olim ligt, bevindt zich in het midden van het gezellige en historische centrum. We liggen aan een oude pier die onze boot scheidt van de Rio de la Plata. In de stralende lentezon is het elke dag druk met wandelende toeristen en vissende Uruguyanen. Geregeld vangen de hengelaars een grote vis. Het zijn vaak groepjes vrienden en gezinnen die met hengel in de ene hand en een maté beker in de andere op de keien zitten, turend over het water. De pier is ook erg populair voor de weergaloze zonsondergangen. Elke avond opnieuw verschijnt de mooiste ondergang met heel ver maar net te zien de skyline van Buenos Aires.





















Als Pablo en een medewerkster van de douane voor onze boot staan met drie grote dozen, voelt het voor ons als pakjesavond. Na twee maanden wachten en iets te veel onzekerheid dan goed voor ons was, staan de spullen nu gewoon voor onze neus op de pier. Ze zijn er! Via Amazon kreeg Jouke eerder bericht dat de pakketten waren ontvangen in Miami. Maar Pablo, de agent die het transport tussen miami en Uruguay verzorgt, meldde ons dat er nog niets gearriveerd was. Had iemand de dure verrekijker en de Garmin striker (een externe dieptemeter) achterover gedrukt? En was onze nieuwe stuurautomaat dan dus ook nog niet aangekomen? Nu alle spulletjes voor onze neus op de pier staan maakt dat ons heel erg blij. De afhandeling verloopt soepel omdat de douanemedewerker vloeiend Engels spreekt. Onze agent vraagt aan haar om iets te vertalen, ik hoor hem het woord Instagram zeggen. Ze moet lachen en vraagt ons of we hem willen volgen op Instagram, hij is namelijk naast agent ook fotograaf. Wanneer Jouke hem een paar dagen later volgt op de socials vraag ik hem wat Pablo zoal fotografeert. ‘Zonsondergangen, elke foto is gemaakt in het licht van de zonsondergang.’

We krijgen bezoek! Mijn zusje Stefi komt! Na een glanzende carriere bij BP waarbij Stefi in alle verre hoeken van de wereld heeft gewoond heeft ze besloten dat het tijd is voor een sabbatical. Haar huis in Londen laat ze voor een tijdje achter en ze is van plan om maanden door Zuid-Amerika te gaan reizen. Ze start haar trip bij ons aan boord! Het wordt een gezellige avond vol met verhalen, biertjes en champagne. Wat een feest! Na een paar dagen gaan Stefi en ik met zijn tweeen een weekendje naar de hoofdstad Montevideo en laten Jouke achter op de boot. Gezellig om weer met Stefi op pad te zijn. We bezoeken musea, kroegen en spelen eindeloos veel spelletjes. Na twee weken Uruguay begint de taalcursus van Stefi in Buenos Aires en stapt ze van boord. Maar gelukkig zullen we elkaar snel weer zien aan de overkant van de Rio de la Plata!

















Argentijnse weekendzeilers in Colonia
Elk weekend overspoelen Argentijnse zeilers de haven van Colonia. Vanuit (zeil)clubverband (yate club), grote vriendengroepen of hele families steken ze op vrijdag vanuit Buenos Aires de Rio de la Plata over. De boten liggen dan rijen dik, maar dwars op de kade, en de bezoekers maken van de kleine haven in Colonia één groot feest. Buenos Aires ligt recht tegenover Colononia en de Rio de la Plata is hier zo’n dertig mijl breed. Colonia is voor Argentijnen zeg maar wat voor ons een tochtje Harlingen Terschelling is. Mooi avontuur, in een weekend te doen en je bent er toch helemaal uit. Het verschil is wel dat de Argentijnen bij aankomst moeten inklaren en bij vertrek ook weer uitklaren. Op de pier bij het kleine houten kantoortje van de douane staat in weekend vaak een rij Argentijnen en is het erg gezellig. Ondertussen hebben de Argentijnse zeilers en wij elkaar wel gevonden. In Colonia hebben we de leukste avonden samen op onze boten en in de cafés. Als enige niet Argentijnse boot vallen we op en maakt elke Argentijn een praatje met ons. We vertellen dat we binnenkort naar Buenos Aires gaan en onze telefoons zitten al gauw vol met Argentijnse nummers. ‘Kom bij ons eten!’, ‘App me als je iets nodig hebt’, ‘Tot snel!’.
Behalve de gezelligheid geven deze zeilers ons heel handige adviezen over het aanvaren van de stad Buenos Aires aangezien het verval metershoog is en niet elke haven diep genoeg is voor ons. Elke zondag, zo rond de lunch zwaaien we de Argentijnen weer uit. Het proces van losgooien en wegvaren is door de lange achterlijnen, sterke wind en stroming altijd een rommelig geheel. Aanvaringen en lijnen in een schroef komen elk weekend wel voor. De Argentijnen blijven altijd even vrolijk en geschreeuwd wordt er nooit.
























Op naar de overkant, naar Buenos Aires
Na drie maanden Uruguay waarvan zes weken in Colonia gooien we los en zeilen we naar Buenos Aires. We nemen de adviezen van de lokale zeilers over en varen met een flinke maar heel mooie omweg door een prachtig en immens groot natuurgebied naar de metropool. Het is een dag extra varen, maar dat doen we liever dan dat we vast komen te liggen. We varen dagen door sloten en meertjes die qua begroeiing erg veel weg hebben van de natte natuurgebieden in Nederland. Rietkragen, wilgen en diverse watervogels. Veel vogels die we kennen in Nederland lijken een Zuid-Amerikaanse evenknie te hebben. Zo zien we de Zuid-Amerikaanse kieviet, talloze aalscholvers, verschillende steltlopers en snippen. Af en toe komt er ook een Zuid-Amerikaanse roerdomp voorbij en zien we zelfs een otter of bever zwemmen! Leuk hoor.
Aan de noordkant van de stad zitten de meeste jachthavens en we hebben onze zinnen gezet op de Yateclub San Fernando. Hier kennen we ondertussen al heel wat zeilers die we in Colonia hebben ontmoet! Maar helaas, als we de stad invaren blijkt er geen plek te zijn voor ons. We steken te diep wordt er verteld. We zijn verbaasd. We buurten die ochtend bij alle andere talloze yateclubs en piepen ze een-voor-een op of varen gewoon naar binnen. Geen gehoor of krijgen te horen dat er geen plek voor ons is. We blijven maar zoeken en proberen op verschillende manier contact te leggen. Wat moeten we nu doen? Waar kunnen we nu naartoe? Het begint inmiddels flink te regenen. We balen als een malle. Weer komt een havenmeester in een kleine boot op ons af en zegt dat hij geen plek voor ons heeft. Hij verwijst ons door naar de volgende haven. En ja, opnieuw komt een kleine boot van de haven op ons af. Vaar maar achter me aan, gebaart de Gauchita achter het roer. We kijken elkaar verrast aan: zou het nu wel lukken? Heeft hij een plekje voor ons? En jawel, terwijl we al dachten aan terugvaren naar Uruguay, kunnen we na uren zoeken in yateclub Barlovento terecht!
Argentijnse kerst
Zo gezellig als de haven van Colonia is zo verlaten is de haven Barlovento. Het is er groen, verzorgd en er is zelfs een zwembad waar we gebruik van maken maar er is geen leven. Het is ronduit stil te noemen. En dat verbaast ons want de Argentijnen hebben nu hun jaarlijkse grote vakantie. De haven, maar ook de wijk waar de haven in ligt heeft iets snobistisch. Grote auto’s en villa’s, overal hoge hekken omheen en elk object heeft een wachtershuisje met een bewaker. Ook de wijk zelf wordt particulier beveiligd en op veel plekken staat een beveiliger in een klein huisje de boel te opserveren. In de Yate club Barlevento is veel personeel in tenue wat het geheel een beetje de sfeer van een kakineuze tennislub geeft. We hebben nog een mooie klussenlijst waar we aan werken dus wij komen onze tijd wel door natuurlijk en erg veel last hebben we er niet van. In de verloren uurtjes slenteren we wat rond over het grote bosrijke terrein of doen een plonsje en maken we een praatje met Gustavo de badmeester. Hij raadt ons aan om naar Gloria te gaan zijn zaalvoetbalclub en dan in de clubkantine steak te gaan eten. We eten er de heerlijkste rabbas en entrana’s.
















Vlak voor kerst begon het water elke dag een beetje te stijgen tot ver boven het niveau van de straat. Voor ons een event maar hier blijkbaar heel normaal. In Colonia hebben we het al eens gezien maar hier in Buenos Aires en La Plata lijkt de impact toch redelijk groot. Niemand die zich er druk om maakt maar af en toe was het lastig om weer naar de boot te komen. Het is dan niet duidelijk waar het pad is, waar je kan lopen of dat de steiger in het ater is verdwenen.
Met kerst komt Stefi weer aan boord die dan al heel wat weken intensieve taalcursus erop heeft zitten. De voortgang is bij haar al goed te merken. Wij volgen alleen een taalcursus met een app en we troeven elkaar af met wie het beste Spaans spreekt. De v spreken we alledrie al uit als een b en met het Spaans gaat al dus al berry berry good.
Voor de kerstavond heeft Pleuni contact gezocht met een restaurant en ze heeft een reservering gedaan. We hebben er alledrie veel zin in. Met de Uberapp laten we een taxi komen en we staan al klaar op de auto te wachten in onze kerstige kleding. De Uberchaufeur met Argentijnse mat en flesje bier in de hand moet eerst even nog twintig kilo vuurwerk van de achterbank verplaatsen wat wel graciosa is natuurlijk en gelukkig blijkt het een jofele guapo te zijn.
‘Nee je bent net op tijd hoor. Over een uur rijdt er helemaal niemand meer in de stad. Iedereen is thuis bij padre madre en Abuelo. Despues ga ik weer rijden en kan ik jullie wel weer opkomen halen.’
Ik kan nu vertellen welke signalen we al kregen dat het misschien helemaal anders zou lopen: veel moeite om een restaurant te vinden dat open zou zijn, lang wachten op een Uber, niemand op straat, de taxichauffeur die vertelt dat kerstavond thuis wordt gevierd. Maar toen we af werden gezet voor een dichte deur drong het echt tot me door. Het restaurant is vanavond dicht. Ik krijg zo de indruk dat elk restaurant in heel Buenos Aires vanavond dicht is. Maar ik wil dit niet geloven. We pakken Google maps erbij en proberen nog wat plekken in de buurt maar staan keer-op-keer voor een dichte deur. Totdat we langs een Libanees eettentje lopen. Hé de deur is open! En binnen in het ieniemienie restaurantje staat één tafel. Precies gedekt voor drie personen. We zijn zo enthousiast dat we meteen willen aanschuiven. Maar de jonge en zeer vriendelijke ober kijkt wat bedenkelijk. In het Spaans probeert hij ons iets duidelijk te maken. Als we vragen of we er kunnen eten, zegt hij geen nee maar ook geen ja. Ik denk dat we beter kunnen gaan en de jongen lucht zichtbaar op als we richting de deur lopen. Jouke heeft een idee, de restauratie van het tankstation lijkt open. En jawel, daar kunnen we zitten en flesjes fris en empanada’s krijgen. Even, in het felle tl-licht denken we er te zijn. Dit is de plek voor ons kerstdiner. Maar na een paar minuten realiseer ik me dat ik liever naar huis ga en daar iets kook dan nog drie empanada’s en flesjes ice tea bestel.
Op 25 december pakken we het anders aan, we gaan barbecueën. We halen inktvis, picanha, venkel en trappen de asado aan! De haven beschikt over de meest fantastische asado’s met mooie tafels eromheen vlak naast het zwembad. Argentijnser kan het niet: met kerst barbecueën met familie. De bubbels vloeien rijkelijk en 25 december staat in het teken van de zomerse barbecue. Het is mega leuk met z’n drietjes! De volgende dag zet ik Stefi met de bijboot af aan de kant en mis haar al direct. Maar wij gaan weer door met onze werkzaamheden aan boord en zij vervolgt haar reis door Argentinië.













La Plata
Buenos Aires laten we achter ons en op 6 januari varen we naar de stad La Plata, onze laatste stop op Rio de la Plata. De boot is na al het geklus in Buenos Aires wel zo’n beetje klaar voor de tocht naar Patagonië en we gaan starten aan de tocht die we eigenlijk wel spannend vinden. Op naar het zuidelijkste puntje van Zuid-Amerika hiep hoi! Hoe zuidelijker we in Argentinië komen hoe meer wind er zal zijn maar minder havens en baaien waar we kunnen schuilen. Wat vinden we het spannend. Maar eerst een easy stop: La Plata! Een stad met een typisch Spaans stratenpatroon, namelijk alles in vierkanten opgedeeld en af en toe een diagonale straat doorkruisend er doorheen. De Falklandoorlog heeft zijn sporen achtergelaten in La Plata. Veel jonge soldaten kwamen uit deze stad en zijn overleden of getraumatiseerd teruggekomen van de Islas Malvinas. De verhalen liegen er niet om. De overheid legt nadruk op de importantie en adverteert op bussen en taxi met teksten als ‘Islas Malvinas son Argentina’. De slachtoffers vechten nog steeds voor erkenning van hun leed.
Als we aankomen blijkt Yateclub La Plata een harstikke gezellige boel en elk weekend is het er keidruk. Iedereen heeft zijn eigen klapstoeltje mee en gaat chillen langs het water. Die klapstoel hebben wij ondertussen ook gekocht en we chillen regelmatig gezellig mee. De Olim ligt front row bij de club op de ereplek en er is veel nieuwsgierigheid. Ja hoor kom maar aan boord, iedereen is welkom. Veel gestuntel en gelach als we weer met ons beperkte Spaans een praatje aanknopen. De Argentijnen zijn gek op zelfpratende vertaalapps op hun telefoon en bezorgen daarmee soms voor hilarische situaties. Iedereen ligt in een deuk als mijn antwoord in het Spaans weer uit de telefoon rolt. Nou moe, zo grappig was het toch ook weer niet? Een vrouwelijke bezoekster maakte het wel heel bont door alleen maar te gillen in haar telefoon en haar kinderen op te hitsen wat tot een soort gezellige chaos leidde. Tsja, wat moet ik daar van vinden. Hola, como estas Gouke, ik zie iemand druk naar me zwaaien. Hmm hoe komen we hier weer van af?
We spreken de voorzitter van de club en van haar mogen best een tijdje blijven en het kost er bijna niets maar de regel is dat je maar zeven dagen blijven mag. Jammer want het was er wel gezellig en we konden toch nog wat laatste dingetjes regelen. We kochten er een nieuwe badkamerkraan, nieuwe brandblusser en we regelden via via nog wat laatste bootspullen. Als de tiende schoenenwinkel ook geen schoenen in grote maten heeft gooien we het roer om en brengen de schoenen naar een schoenmaakster die alles weer piekfijn in orde maakt. Hmm daar hebben we ons wel op verkeken: kleding en schoenen hebben ze hier vaak niet in grote maten en van warme kleding hebben ze ook weinig. Hopelijk gaan we hier geen last van krijgen als we straks in Patagonië zijn!
In La Plata gaan we wat vaker uit eten met het idee dat het de komende maanden niet altijd meer kan. Een keer Peruaans, weer eens naar een asadorestaurant (de entrana maar ook kalfszwezerikjes zijn hier ondertussen favoriet, jummie) en we vonden weer zo’n restaurant behorend bij een sportclub die binnen een half uurtje nadat wij binnenkwamen ramvol zat.
Na een week in La Plata zijn we klaar voor vertrek. We hebben water getankt en boodschappen gehaald. Vol goede moed gooien we weer los. We laten de Rio de la Plata nu toch echt achter ons en sturen de Olim richting het zuiden!!






























-
Drie man sterk de oceaan over

Op zondag 11 december komt Gert-Jan aan op Tenerife. Vannacht hebben we een foto gekregen waarop hij op Schiphol door zijn vriendin en drie kinderen wordt uitgezwaaid. Nu zien we hem van verre aan komen lopen, een opvallend wit gezicht en als enige een lange broek dragend. Onze opstapper is gearriveerd! Wat betekent dat de overtocht naar Suriname heel snel gaat gebeuren.
Hoewel de Canarische Eilanden Spaans zijn, hebben we voor Gert-Jans aankomst een tafel voor drie gereserveerd bij een Sunday Roast. Zuid-Tenerife is zo populair onder Britten dat het heel ver zoeken is naar een karaf sangria, de pubs met cider en pints vind je daarentegen op elke hoek van de straat.
Dinsdagmiddag zijn wij en de boot er klaar voor. We hebben nog verse groentes en fruit gehaald. De rest van de boodschappen zijn al op vrijdag bezorgd op de steiger. We hebben de twee watertanks helemaal bijgevuld, de haven betaald, podcastst en ebooks gedownload en de laatste appjes verstuurd. Op naar de tropen!
De oversteek van december 2016 deden Jouke en ik met z’n tweëen. De boot was te klein voor een derde passagier. En het lukte ons goed om met twee man de boot te besturen. Maar met onze huidige boot is er wel plek voor een opstapper. En één persoon extra aan boord is hartstikke handig. Gert-Jan zeilt graag en heeft al langer het plan om een oceaan over te steken. Hij heeft een enorme interesse in het zeeleven. Hij kijkt uit naar de zeezoogdieren, vissen en vogels die je tegen kunt komen midden op de Atlantische Oceaan. We weten dat de combinatie Gert-Jan, Jouke en Pleuni goed werkt aan boord. Niet onbelangrijk als je vier weken op een paar vierkante meter met elkaar gaat doorbrengen. We vinden het super dat Gert-Jan het heeft kunnen regelen met werk en thuis zodat hij ons kan vergezellen op deze immense tocht. We hebben er zin in!
Een immense tocht die in totaal tweëentwintig dagen blijkt te duren. Tweëentwintig dagen op een boot zonder land te zien. De dagen lopen in mijn herinnering door elkaar. Hoe hebben we ons al deze dagen beziggehouden? Hoe zag een willekeurige dag eruit tussen 13 december en 4 januari?
0.00 uur mijn wacht begint
De wekker gaat. Bij het verdelen van de drie wachten koos ik voor de wacht van 0.00 uur tot 4.00 uur. Ik wissel Jouke af die wacht heeft van 20.00 uur tot 0.00 uur. Hij heeft de meest relaxte dienst maar staat ook altijd standby. We kunnen hem wakker maken als we ’s nachts hulp nodig hebben. Als Jouke en ik met z’n tweëen varen hebben we ieder twee diensten van drie uur. Nu duurt de dienst een uur langer maar hoef ik er gelukkig maar één keer uit.
Met de wissel van de wacht vertelt Jouke of er iets is waar ik op moet letten. ‘De wind is ietsje gedraaid ten nadele van onze koers. Je kunt niet verder afvallen.’ We gaan wat van de koers af, bij daglicht zullen we dan met z’n driëen gijpen.
Als het rustig is, kijk ik tijdens mijn wacht elk kwartier om me heen. We hebben AIS, wat betekent dat boten met AIS ons op hun scherm zien en wij zien hen. Omdat niet alle boten AIS hebben, blijft het noodzakelijk om ook buiten te kijken.
De rest van de wacht lees ik. Wow, wat is Het lied van ooievaar en dromedaris van Anjet Daanje een prachtig boek. De hele eerste week ben ik in de ban van Eliza May Drayden.
De nachten zijn helder, de sterren en planeten schijnen en stralen ons toe. In de eerste nachten regent het vallende sterren. De maan wordt elke nacht wat kleiner. En gelukkig ook weer groter na twee weken. Hoe lichter het buiten is, hoe prettiger ik het ’s nachts vind. De zee lijkt zo onstuimig wanneer het heel donker is.
Hoe meer verkeer er om ons heen is, hoe sneller een dienst gaat voor mijn gevoel. Het in de gaten houden van de koers van een schip dat op anderhalf uur varen van ons verwijderd is, zorgt ervoor dat ik actief om me heen kijk en goed het scherm in de gaten houd. Het komt vreemd genoeg toch wel eens voor dat we op ramkoers met een schip liggen. Met een kleine koerswijziging waarbij we de zeilen niet hoeven aan te passen is het meestal opgelost.
We zien steeds minder schepen op de AIS. De boten die we zien, zijn meestal vrachtschepen, soms vissers en soms andere zeilschepen. In de eerste dagen komen we zelfs geregeld roeiboten tegen. Deze roeiers doen mee met een race om de Atlantische Oceaan over te steken. Mega dapper om in zo’n kleine boot zo’n afstand af te leggen. Desalniettemin hebben we ze weleens vervloekt; hun lichtjes zijn slecht te zien, hun AIS valt geregeld uit en wanneer je ze oproept reageren ze niet altijd.
Om vier uur ’s nachts komt Gert-Jan me aflossen. Yes, ik mag weer gaan slapen!8.00 uur de hengels gaan uit
Jouke staat rond zeven uur op om samen met Gert-Jan na te gaan of de koers nog klopt. We varen de meeste dagen tussen ruime wind en voor de wind in. We hebben onze genua uitgeboomd, zodat deze goed de ene kant op blijft staan. Het grootzeil staat aan de andere kant. Melkmeisje wordt deze zeilconfiguratie ook wel genoemd.
Op de kaart hebben we een lijn van 2650 mijl lang getekend die we willen varen. We varen in eerste instantie een meer zuidelijke koers richting Kaap Verdië. Zodra we honderd mijl boven deze eilandengroep zijn, zetten we koers naar Suriname om zo met de passaatwind de juiste kant op te varen. Door een wijziging in de wind kan het soms gebeuren dat we van de koers afvaren. Dan zetten we de zeilen om. Jouke en Gert-Jan ontfermen zich over de boom. Het omzetten van de boom is best een zware klus die ik aan hen overlaat.
Ik sta om acht uur op omdat we dan met z’n driëen ontbijten. We eten muesli met houdbare melk, fruit en noten. De eerste dagen eten we als fruit bananen, na een paar dagen zijn deze op. De kiwi’s worden vervolgens zacht en dan eten we die. Hierna eten we de appels, dan de sinasappelen en als laatst de grapefruits. Bij de muesli drinken we oploskoffie. Het is een verrukkelijk ontbijt.
Na het ontbijt gooien we twee hengels uit. Welk aas zullen we er vandaag aan doen? We speculeren welke vissen er zullen zwemmen op de plek waar we zijn. En welke willen we vangen? ‘Laten we het eerst proberen met een duiker aan de ene kant en een octopus aan de andere kant.’ We hangen ook nog een grote teaser zonder haken in het water om de vissen te lokken. Met succes! We vangen de ene naar de andere mahi mahi en tonijn. De meesten gooien we terug, de vissen van groot formaat halen we wel binnen én eten we op. Het doodmaken, fileren en bereiden kost zo veel tijd dat we kieskeurig zijn.12.00 uur tijd voor de tussenstand
Elke dag om twaalf uur duik ik de machinekamer in om de waterstand op te meten. In de twee tanks past in totaal 1850 liter water. De tanks waren vol bij vertrek. Door de watermeterstand af te lezen weten we precies wat het verbruik is de afgelopen vierentwintig uur . ’70 liter, wat is dat veel. Hoe kan dat?’ Oja, we hadden gisteren alledrie een douche gepakt. Douchen doen we op het voordek, wat nog een behoorlijke uitdaging is op een boot die gigantisch schommelt. Ik douche zittend, waarbij ik me klem zet tussen de giek van de kotterfok en het gangboord.
We gaan lunchen. De eerste dagen maken we tosti’s. Elke dag probeert degene die aan de beurt is voor de lunch te variëren: met gefruite uitjes, met tonijn, jalepenopepers, tomaten. Totdat het brood op is na anderhalve week. Dan maken we salade met blikvoer en flink veel mayonaise. Of we lunchen met de zelfgevangen mahi mahi.
16.00 uur podcast en een spelletje
Gedurende de hele dag kijkt Gert-Jan om zich heen op zoek naar zeeleven. Hij spot de ene pijlstormvogel na de ander. Hij ziet dolfijnen op ons afkomen, een tonijn die niet wil bijten maar wel de hele dag met ons meezwemt, tropic birds die boven ons vliegen. In zijn determinatieboeken zoekt hij de namen op van wat we tegenkomen. Hij maakt foto’s om thuis de waarneming te laten controleren door experts en hij noteert wat hij ziet. We zien zo veel meer natuur met hem aan boord. Heel gaaf!
Maar om vier uur is het tijd om de verrekijker en camera weg te leggen. Dan spelen we, geen dag uitgezonderd, een potje Keer op keer. En luisteren we met z’n driëen naar een podcast. De eerste week zijn we in de ban van Rian. ‘Is het weer tijd voor onze cybercharlatan?’ De tweede week is Poetin aan de beurt en de derde week houdt de Nigeriaanse vader van de podcast Ouder ons bezig.20.00 uur tijd om naar bed te gaan.
Om acht uur is het bedtijd voor mij, want vier uur later gaat de wekker weer.
























Dit was de vis van ons leven! 

Om met licht aan te komen halen we de snelheid uit de boot door met een kleiner zeil te varen. 



Onder de ‘Bosjebrug’ door naar Domburg Suriname! 






















-
Klussen én ontspannen op de Canarische eilanden

Wie weet valt het mee, denken we als we vanuit Zuid-Spanje vertrekken naar de Canarische eilanden. Twee dagen geen wind op een tocht van 560 mijl is voorspeld. Geen perfect weervenster. Maar we gaan toch. Waarom wachten we niet op betere wind?
Half december zullen we de oceaan gaan oversteken naar Suriname. Dit moment staat vast en hoe later we vertrekken uit Zuid-Spanje, hoe korter we op de Canarische eilanden zijn. En we hebben nog een behoorlijke takenlijst voordat we de oceaan kunnen oversteken. Deze taken willen we op de zonnige Spaanse archipel afronden. Kortom, we worden wat onrustig en willen door.
Nog minder wind dan voorspeld
We doen er zeven en een halve dag over om van Ayamonte naar Isla Graciosa te varen. In plaats van twee windstille dagen hadden we er wel vier. Dat betekende dat we veel hebben moeten motoren en zelfs een nacht hebben gedobberd met de zeilen neer. Helemaal geen voortgang maken, vind ik toch wel frustrerender dan ik had gedacht. We zijn dan ook heel blij als we een beetje wind hebben en wel twee knopen vooruit gaan!
Pas zodra we land in zicht zien, trekt de wind echt aan. In het donker laten we ons anker vallen en het waait harder dan we de hele vaartocht hebben meegemaakt. Is het niet ironisch, denk je niet? Nou ja, we zijn er.Zonnepanelen installeren op Isla Graciosa
Nu kan het klussen gaan beginnen! In de ankerbaai installeren we vier nieuwe zonnepanelen aan de reling. Jouke heeft de klus van tevoren van voor tot achter uitgedacht en alle benodigde spullen hebben we al maanden in huis en vervolgens aan boord. Na zeven volle dagen zagen, solderen, gaten boren en draden doortrekken zitten de panelen erop. Vlak voordat we ze aansluiten kijk ik hoeveel stroom er binnenkomt: 2 ampère. En yes! Een seconde later komt er elf ampère binnen. Vanaf nu hebben we voldoende stroom, zelfs voor windstille vaartochten wanneer we de stuurautomaat moeten gebruiken.Inslaan op Gran Canaria
Na een volle week ankeren bij Isla Graciosa varen we, dit keer met veel te veel wind, naar Las Palmas. Las Palmas is de hoofdstad van Gran Canaria. Voor ons een nieuwe bestemming. Er is zo veel wind dat we alleen met de genua omhoog meer dan genoeg vaart hebben. Het is een onstuimige tocht van een etmaal. Wanneer ik mag slapen, schrik ik wakker van een bak water in mijn gezicht. Een grote golf heeft via het slaapkamerraam zijn weg naar mijn bed gevonden. Ik lig in een enorme plas zeewater. Ik kijk nu nog meer uit naar het einde van deze tocht, dan kunnen we het matras uitspoelen en onze andere slaapkamer klaarmaken voor de komende dagen.In de hoofdstad van Gran Canaria zitten de beste watersportwinkels van de Canarische eilanden. Drie dagen lang fietsen we de hele stad door op onze vouwfietsen om een soldeerbout, snorkelsets, nieuwe vallen en onder andere een gaf te halen. Een gaf is een grote haak om een gevangen vis mee aan boord te trekken.
Net als op Isla Graciosa hebben we ook in Las Palmas heel gezellig contact met andere zeilers. Ervaringen uitwisselen met nieuwe vrienden die met hetzelfde bezig zijn, maakt het leven op de boot nog veel leuker dan het al is.
En door naar Tenerife
De laatste twee weken voor de oversteek brengen we door in het zuiden van Tenerife. Hier krijgen we namelijk bezoek! Joukes broer Willem, zijn vriendin Joanne en hun zoon Fons hebben een all inclusive op loopafstand van de haven geboekt. Zo gezellig om een week met elkaar hier door te brengen.
Wanneer het bezoek in Nederland is om Sinterklaas te vieren, pakken wij onze klussenlijst weer op. De windvaan moet nog gecheckt worden, de nieuwe genua gaan we verwisselen voor de oude, flinke boodschappen gaan we doen, et cetera. Want precies over een week, op elf december, verwachten we de oceaan over te gaan steken.
Licht weer betekent lichtweerzeil! 


Skipjack of bonito nog niet sushiwaardig maar in de pan erg lekker 
Land in zicht, eindelijk zijn we bij de Canarische eilanden! 

Hup de gastenvlag van de Canarische eilanden omhoog 


Op de achtergrond Lanzerote 
Isla Graciosa, echt een topeiland 

Onze ankerbaai bij Isla Graciosa, op de achtergrond Lanzerote 
Stofstraatjes en allemaal witte huisjes met blauwe kozijntjes. Prachtig! 
Controle van de ankerketting en de snubberlijn. Het begint te waaien en we zijn niet helemaal zeker of ons materiaal het houdt. Alles ging goed. 
Jouke aan de klus 
Draadjes aansluiten 
Trots als een pauw dat alles in één keer werkt. We hebben nu nog meer stroom. 
Zout water in de boot op het bed en in de telefoon. 
Knallen naar Gran Canaria, op de achtergrond wederom Lanzerote 
Weet iemand welke vogels dit zijn? 
Klussen betekent in ons geval dat het binnen vanzelf vol staat met gereedschap en klusspulletjes. 
Gran Canaria! We kregen gratis 1000 liter water bij het tanken van diesel. 
Dit harpje laten we maar even hangen….. 
Decathlon is altijd favoriet! 
Fietsen in Spanje , de fiets stallen we in de parkeergarage. We zien even niet waar het anders moet. 

Rotondes, daar zijn ze in Spanje gek op. Hier eentje met een heuse vuurtoren in het midden. 
Daaaag Gran Canaria 
Zo leuk, Joanne, Willem en Fons zijn een weekje bij ons op bezoek. 



Een van onze vruchteloze pogingen om boodschappen te halen. Betaalbare winkels zijn hier niet te vinden binnen fietsafstand. 
Ha, met Willem naar de Lidl en we hebben 30 kg Muesli gehaald. 
Een bezoek aan El Teide mag niet ontbreken 


Fons wil ook! 
Het resort van Willen en Joanne, inclusief Disneykasteel. 
Dagje zeilen 




Een gaarkeuken op de berg, die spaghetti was niet te hachelen 

-
Onze tocht over de rivier Guadiana

Als je op Google Maps de grens tussen Spanje en Portugal afgaat, dan zie je dat het laatste stukje precies een rivier volgt: de Rio Guadiana. En exact dat stuk en nog een spannend aantal mijl erna hebben wij de afgelopen anderhalve week verkend.
Op naar het festival
Van de bemanning van de Eva Kristina krijgen we een appje. Ze zien op marine traffic dat we bij Ilha da Culatra liggen. Er is over een aantal dagen een muziekfestival op de rivier. Komen jullie langs?
Hoewel we makkelijk nog dagen hadden kunnen doorbrengen op de plek waar we liggen, lijkt het ons erg leuk om hun kant op te komen. De rivier kennen we nog niet en de komende tijd is er toch geen goede wind om naar de Canarische Eilanden te gaan. Ons plan om ook nog Madeira aan te doen, staat inmiddels op losse schroeven.
Naar de monding van de rivier varen we in één dag. Wat een heerlijke tocht is het. Goede wind, zonnetje erbij en… we vangen wel vijf tonijnen! Omdat het niet de tonijnen zijn die we lekker vinden én omdat ze mooi gehaakt zijn, gooien we ze na het fotomoment meteen weer terug.
In het donker vinden we die dag een ankerplek vlak na de monding van de rivier. De Guadiana is een getijderivier waardoor we pas verder varen als we weer stroom mee hebben. De stroming tegen kan wel twee a drie knopen zijn, daar tegenin motoren kost veel brandstof en schiet niet op. Stroming mee betekent gratis extra snelheid.
Veel te vroeg zetten we de wekker, het is nog hartstikke donker en achteraf blijkt dat de stroming mee veel langer duurt dan we dachten. Zodra de zon opkomt, halen we het anker omhoog en varen we de rivier verder op. Het voelt als een riviercruise, ik vind het wel leuk voor de afwisseling. Geen gedoe met zeilen en wind.
Totdat het keihard begint te regenen. Ruitenwissers voor de ramen waren nu wel erg handig geweest. Gelukkig is het op de rivier heel erg rustig. We zien alleen een zeilboot achterop komen, verder is er geen enkel verkeer. Wanneer het niet regent, zien we dat midden door de natuur varen. Donkerbruine, roestkleurige heuvels met olijf- en eucalyptusbomen en oude vervallen huisjes. We horen de bellen van geiten en we zien ze op supersteile wanden vlak langs het water staan. De omgeving doet heel rustgevend aan.Aan het eind van de middag komen we aan in het Portugese dorpje Alcoutim. Morgenavond is hier het festival, we zijn mooi op tijd. We leggen onze boot tegen de Eva Kristina aan die aan de steiger ligt en praten gezellig bij met onze buren.
De volgende dag is het zover: het festival start. We leren intussen dat de rivier een heel populaire plek is voor zeilers om langer te blijven. Veel boten overwinteren hier. Sommige boten liggen er al meer dan tien jaar. Als dank voor de gastvrijheid organiseren de boaties jaarlijks dit gratis muziekfestival.
Voor ons is het een gezellige avond, want we worden meteen opgenomen in de zeilersgemeenschap. Wie weet dat we hier ooit zullen overwinteren, maar nu nog niet. We zijn pas net aan onze reis begonnen.Van het gebaande pad
Alcoutim blijkt een superspot te zijn om te wandelen. Langs de rivier en naar het westen de berg op zijn twee prachtige wandelingen langs walnotenbomen, voorbij ijsvogels, door bamboebossen en heidevelden. We maken mooie tochten waarbij we zelden iemand tegenkomen, heel af en toe passeert een four wheel drive ons. Wie we wel horen, zijn de honden. In grote hokken die opgesplitst zijn in aparte cellen blaffen ze ons al van verre toe. Sinds ik van mijn hondenangst verlost ben, betekent hun aanwezigheid niet dat onze wandeling stopt.
Behalve die ene keer dat we alle gemarkeerde routes al gelopen hebben en een eigen route bedenken. Weer horen we hard geblaf, het klinkt als afkomstig van drie verschillende honden. ‘Gelukkig komt elk geblaf uit elk een eigen richting en zitten ze dus vast’, zeg ik omdat ik een beetje twijfel of een van de drie wel vastzit. ‘Er loopt er eentje los, een heel grote. Ik zie hem.’ Jouke is haast twee keer zo groot als ik en kan wel over de bramenstruiken heen kijken. We kijken elkaar aan en draaien ons direct om. Het geblaf komt dichterbij. Ik moet achterop lopen omdat ik te snel loop, we moeten rustig blijven. Het pad gaat steil omhoog. Intussen heeft Jouke een enorme stok gepakt. Het geblaf houdt aan. Ik durf niet achterom te kijken. Dit komt goed, zeg ik tegen mezelf. Rustig blijven. Dan lijkt het geblaf wat verder weg te klinken. We zijn bijna boven van waar we de andere kant op kunnen. Pfffffff. Wanneer we boven helemaal bezweet staan uit te hijgen ben ik zo opgelucht. Jouke legt de stok neer en we besluiten een ander pad te nemen naar de geasfalteerde weg.Zover de kaart reikt
Nu we Alcoutim hebben verkend, varen we nóg verder de rivier op. We hebben wat plekjes op de kaart gemarkeerd die ons mooi lijken. Wanneer we hier langs varen, worden we nieuwsgierig naar de rest van de rivier. Intussen springen de vissen, misschien wel meervallen, om ons heen. Af en toe drijft er een schapenlijk voorbij. Inmiddels is de betonning die de vaarweg markeert opgehouden. Heel geconcentreerd kijken we naar de kaart. Want er blijken wat rotsen in het bruine water te zitten, ook is het op sommige stukken zeer ondiep. We varen door en door, we liggen immers nog steeds niet vast op de grond. ‘Daar verderop ligt een klein eilandje, daar ben ik wel benieuwd naar.’ Hoewel het eilandje nog een eind weg is, varen we door. We hebben ook nog steeds stroming mee. Totdat de kaart opeens stopt. Tot vlak na het eilandje zijn de dieptes te vinden op de kaart. Daarna hebben we geen gegevens meer. Zo dapper zijn we niet dat we verder durven te varen zonder kaartgegevens. Bij het eilandje waar het volhangt met granaatappels laten we het anker vallen. Wow, zo als enige midden in de natuur zijn we nog niet geweest op deze reis. Zo stil als het hier is, zo rustig.
De volgende dag ga ik me op het voordek douchen. Ik ben een beetje preuts, maar we hebben al meer dan vierentwintig uur niemand gezien. En buiten douchen mét warm water in een paradijselijke omgeving als dit vind ik zo heerlijk. En precies wanneer ik net de shampoo uit mijn haar wil spoelen, hoor ik stemmen. Een échte riviercruise vol met toeristen komt de hoek om varen. Zo hard als ik kan, ren ik de boot in!
Naar de bewoonde wereld
Om ons voor te bereiden op onze tocht naar de Canarische Eilanden varen we een paar dagen later terug naar de monding van de rivier. We gaan voor anker op de plek waar we onze eigen riviercruise begonnen. Het blijkt dat ook hier prachtige wandelingen te maken zijn, door de zoutpannen en de sfeervolle Portugese en Spaanse dorpen. Indrukwekkend zijn de enorme forten en kastelen aan weerszijden.
In de Spaanse stad Ayamonte vullen we twee supermarktkarren helemaal vol, halen we de laatste spullen bij de watersportwinkel en klussen we aan de boot. We hebben genoten van onze tocht over de rivier en zullen aan haar denken als we een plek zoeken om te overwinteren. Nu op naar onze volgende bestemming: de Canarische Eilanden!
Pleuni
Op de rivier Guadiana onderweg naar Alcoutim 


Wasdag op de Olim 




Hier hield de kaart op, we stoppen en gooien het anker uit. 

Een leenhond die een uur meewandelt 
Bij hoogwater geen toegang meer tot de bijboot, hoe komen we thuis? 
Schuren en ontroesten, er wordt goed voor haar gezorgd 

Ouderwetse lijfstraffen op het kasteel 






Laverend tussen de zoutpannetjes mogen we de bijboot aanleggen bij een heel mooi piertje 
Zie je onze boot liggen? 

Qwirkle! 

Inktvisbitterballen met een klodder blauwe tjats 
-
Bijna in één keer van Noord-Spanje naar Zuid-Portugal

Vrijdagochtend 7 oktober is het zover. We verlaten de eerste en enige haven die we sinds ons vertrek uit de Sixhaven in Amsterdam hebben aangedaan. Van A Coruña varen we die dag naar Corme. Een klein, tamelijk verlaten dorpje zo’n vijftig mijl ten westen van ons startpunt. Een goede dagtocht.
In één ruk naar het Portugese eiland Madeira was het eigenlijke plan. Dat zou een tocht van zevenhonderd vijftig mijl zijn. Ik zag er een beetje tegenop, na twee maanden niet gevaren te hebben vond ik het wel spannend om meteen zo lang achter elkaar door te varen. De voorspelde wind zag er daarentegen wel goed uit… Hoewel… Bij het ronden van de eerste kaap zou toch wel erg veel wind staan… We kozen daarom voor Corme, dan waren we alvast op weg.
Uiteindelijk blijven we hier drie nachten liggen. Wachten op goede wind om verder te gaan naar het zuiden.
Maandagmiddag 10 oktober is dan hét moment. Bij de te passeren kaap zal het maximaal twintig knopen waaien. De koers zal voor de wind zijn. Deze omstandigheden lijken ons uitstekend om te starten aan onze meerdaagse tocht richting het zuiden. We nemen ons voor om zuidwaarts zo’n veertig mijl van de kust af te gaan varen, daar hebben we voldoende wind. Ook spreken we af als we ter hoogte zijn van Lissabon én dus weer internet hebben, een nieuw weerbericht op te halen om te bepalen of het Madeira of de Algarve gaat worden.
Maandagnacht blijkt verschrikkelijk te verlopen. Vanwege de harde wind de dagen ervoor staat er een enorme deining. En onze 25 ton-wegende boot rolt van links-naar-rechts en van-rechts-naar-links met een voor de windse koers. Was er maar meer wind! Dan rolden we niet zo.
De twee zeeziektepillen mogen niet baten… Ik voel me zo beroerd. ‘Jouke, een emmer!’ Hij kijkt me niet begrijpend aan. Een emmer? Waarvoor?? ‘Een pan dan!’.
Op deze manier kunnen we niet verder varen. We wisselen elkaar normaal gesproken om de drie uur af tijdens de nachten op zee. Maar ik kan nu niets en ook Jouke voelt dat de heerlijke aardappeltortilla die we als lunch hadden omhoog probeert te komen.
We besluiten een ankerbaai te zoeken waar we met daglicht aan kunnen komen. Onze koers verleggen we zodat we aan de wind varen. Een wereld van verschil, de boot ligt stabiel en we voelen ons weer uitstekend.Dinsdagochtend 11 oktober laten we het anker zakken in een baai in de Ria de Pontevedra. Een prachtige plek die we enkel delen met een visser die lange netten aan het slepen is. Het is half acht ’s ochtends, twee weken ervoor reden we op dit tijdstip naar ons werk, nu vallen we direct in slaap.
Dinsdagmiddag gaan we direct verder. De wind komt de komende dagen uit de goede hoek, dit venster willen we niet missen. Eerst zeilen we heerlijk halve wind zo’n dertig mijl van de kust vandaan. Daar pakken we de wind op. Dan gaat het ons helaas weer voor de wind en koersen we al rollend naar het zuiden.
Woensdag 12 oktober varen we verder naar het zuiden, we passeren Spanje en komen langs Porto. We zakken verder af en varen geleidelijk de nacht in. Door het geschommel aan boord gaat het koken lastig. We snijden een paprika in stukken, eten het laatste verse brood en yoghurt eet ik zonder muesli.
Donderdag 13 oktober verandert er niets. Behalve dat we aan het eind van de dag verwachten dicht genoeg bij de kust te zijn om te kunnen internetten. Op basis van het weerbericht dat we dan zien, zullen we besluiten wat onze bestemming wordt: Madeira of het eilandje Ilha da Culatra in de Algarve. Of misschien zijn de voorspellingen zo gewijzigd dat we morgen al tegenwind krijgen. Dan is wellicht Cascais bij Lissabon een goede optie.
‘Als ik buiten sta, heb ik een heel klein beetje internet.’ Met onze telefoons naar links gericht waar we heel in de verte vervaagd door de mist de contouren van kust zien, proberen we naarstig een signaal op te kunnen vangen. En ja hoor, we hebben internet! Het weerbericht laat zien dat we nog steeds goede wind zullen hebben om door te varen. Maar richting Madeira krijgen we de laatste dag fikse tegenwind en liggen we daar de komende tijd niet beschut. De keuze is snel gemaakt: we gaan naar Ilha da Culatra. Een geweldig mooi eilandje in een waddengebied ten zuiden van Faro. Zes jaar geleden hebben we hier een fantastische tijd gehad. Ik kan niet wachten om op een van de rode, plastic Ola-stoeltjes van een van de drie terrassen op het eiland te zitten met een groot glas witte wijn van twee euro.
Intussen stinken we al behoorlijk en mijn haar is intussen zo vet dat als ik het elastiekje uitdoe al het haar nog steeds aan elkaar geplakt zit als een soort plak haren. Als we er zijn ga ik eerst douchen, dan het terras op.Vrijdag 14 oktober varen we nog steeds langs de Portugese westkust. De wind zakt wat in en we besluiten daarom ons lichtweerzeil te hijsen. Ondanks de weinige wind is het een heel gave dag op het water. We zien zo ontzettend veel zeeleven! Eerst komt er een Portugees oorlogsschip voorbij gedreven. Niet veel later duiken tientallen dolfijnen voor onze boeg over elkaar heen. Even later zien we grotere, zwarte vinnen op ons afkomen.
‘Oh, dit vind ik toch wel heel eng!’ In het gebied waar we nu al dagenlang varen, hebben best wat zeilboten een zogenaamde interactie met orka’s gehad. Om nog onbekende redenen gaan orka’s af op het roer van zeilboten en vernielen het. Met onze stalen langkieler maken we ons niet veel zorgen. Maar als ik de vier zeezoogdieren onze richting op zie komen, schrik ik toch. Jouke ziet niet direct maar wel snel dat het geen orka’s zijn maar waarschijnlijk tuimelaars. Dolfijnen die een stuk groter zijn dan de common dolphins die we eerder zagen.Zaterdag 15 oktober zijn we er bijna. In de nacht ronden we de kaap en koersen we vervolgens oostwaarts naar onze bestemming. De wind valt helemaal weg, wat betekent dat we uren moeten motoren. Verder is het weer fantastisch, 24 graden en zonnig.
Zaterdagmiddag valt het anker in de beschutte baai van Ilha da Culatra. Ik vind het zo ongelooflijk heerlijk om hier te zijn. We nemen een douche op het voordek, blazen de bijboot op, verschonen het beddengoed en crossen met de dinghy naar de kant. Het door de barman tot aan de rand gevulde glas extreem goedkope witte wijn smaakt zalig. Onze reis kan beginnen. (Pleuni)

Onze route 
Vertrek uit a Coruña 

In Corme wachten we op wind, de omgeving is er prachtig 
Corme 


’s nachts wacht houden 
Zeeziekte is verdwenen als we de baai indraaien van onze tijdelijke stop 
Overdag hangen we samen in het dekhuis, heerlijk beschut 
Onze genaker (lichtweerzeil) 
Dolfijnen of toch orca’s 
Ilha da Culatra!! 
Wasdag op Ilha da Culatra!! 



Elke dag is anders, behalve ons ontbijt fruit en muesli 
De prachtige puinhopen van Ilha da Culatra 
De prachtige puinhopen van Ilha da Culatra -
6x dingen die wij heel graag doen in A Coruña

Afgelopen zomer kwamen we voor de derde keer met onze zeilboot aan in de Spaanse provinciestad A Coruña. Voor ons een heel bijzondere plek omdat dit de stad is waar we óf vertrekken om de Golf van Biskaje over te varen (2019) of aankomen na de Golf te hebben overgestoken (2016 en 2022). Deze oversteek is de eerste, of laatste, lange tocht zonder land in zicht vanaf Nederland. En in de Golf van Biskaje kan het flink waaien.
Om eerst nog in het zo Franse Bretagne te zijn en zonder de overgang in het landschap te zien maar alleen maar water en om dan uit te komen in een uitgesproken Spaanse havenstad als A Coruña, blijft magisch vind ik. Wat zijn de dingen die wij dan heel graag doen zodra we voet aan wel gezet hebben?
- Pulpo eten. In elk restaurant staan ze in de vitrine: grote, paars-witte octopussen die zo met hun zuignappen via het raam naar buiten lijken te kunnen kruipen. Ze zwemmen in de Galicische wateren en dat proef je. Zo heerlijk vers en mals is het vlees van deze beesten. In de stad stikt het van de pulperia’s, restaurantjes waar je alle mogelijke pulpogerechten kunt bestellen. Wij kochten een grote tentakel in de supermarkt en grillden deze op de barbecue, heerlijk!
- Naar de Gadis. Alleen al om het warme bruin-geel-oranje logo bezoeken we deze supermarkt graag. Hoewel de winkel die vlak achter het prachtige Maria Pita-plein ligt niet groot is, hebben ze er alles. Zelfs verse roggen kun je er kopen.
- Flaneren over de boulevard. Om bij de supermercado te komen, lopen we de brede en lange boulevard af. Families, hardlopers, elektrische steppers, stelletjes, fietsers, vissers, iedereen flaneert erop los op deze boulevard. Onderweg komen we fonteinen, parken, heel veel bankjes en zelfs een zwemplek tegen. Het leven in deze vissersstad lijkt zich rondom het water af te spelen.
- Fietsen. Zullen we ze wel of niet meenemen? Op het aller laatste moment besluiten we de vouwfietsen waar we eigenlijk geen plek voor hebben toch mee te nemen. Vorige week kwamen ze uit de kast, want A Coruña blijkt een tamelijk goede fietsstad te zijn. In de stad gebruiken we veilige fietspaden. Eén pad brengt ons helemaal langs de kust naar een spectaculair surfstrand. De fietsroute naar de bouwmarkten mag wel nog wat aandacht krijgen.
- Uit eten gaan. Pas bij onze tweede keer in A Coruña hadden we het ritme door. De eerste keer liepen we rond etenstijd door verlaten straten. We bleken er veel te vroeg te zijn. Pas vanaf twee uur start de lunch en dan ben je nog vroeg. Om acht uur gaan de restaurants open, gezellig druk is het om tien uur. Nu we ‘m eenmaal doorhebben, passen we ons makkelijk aan. We bestellen net als de Spanjaarden een of twee raciones om te delen en hobbelen verder naar een volgende plek om daar weer iets te bestellen. Een van onze favoriete plekken is Benboa, waar de koks bijzondere gerechten hebben bedacht met bekende ingrediënten zoals de ‘hot dog’ met pulpo. Ook eten we voortreffelijk in A Boca Do Lobo.
- Een biertje drinken bij Franxa. Elke zomer vinden er gratis concerten plaats op het Maria Pita-plein. Hoewel het plein dan bomvol staat, was het een verademing op muzikaal gebied om op zo’n avond in 2016 de bar van Franxa te ontdekken. De eigenaar die zelf gitaar speelt, heeft een donkere bar met achterin een videoscherm waarop enkel goede rock op te zien en horen is. We verstaan elkaar niet, maar hebben de leukste gesprekken met deze barman. Ook is het een plek waar we elke keer nieuwe mensen ontmoeten, afgelopen zomer werden we door twee van hen zelfs op sleeptouw genomen naar alle andere kroegen waar op dinsdagnacht nog veel te beleven was.
Kortom, A Coruña voelt voor ons inmiddels als thuiskomen. Het zal de combinatie van weinig toerisme, de levendige haven en het heerlijke Spaanse eten zijn wat maakt dat we er graag komen. Ik kijk nu al uit naar de volgende keer! (Pleuni)

Olijven met kruidnagel, verassend lekker 
De Gadis is favoriet en heeft nog steeds het interieur en logo van 45 jaar geleden 


Franxa! 



Ook het plakzeil is heel met het vliegtuig meegekomen 
Een nacht op een vliegveld breekt je op. Het deed me denken aan huisfeestjes in Deventer 20 jaar geleden waar meer logees bleven slapen dan er slaapplek was. -
Ons afscheid

Zojuist hebben we afscheid genomen van vrienden, familie en collega’s en zitten we (bijna) in Spanje. Afgelopen tijd voelde voor ons alsof we in een roller coaster zaten. We verhuisden van Amsterdam-Noord naar de boot (Sixhaven) waar we twee maanden op het water woonden, we voeren vervolgens de boot in de zomervakantie naar Spanje en vlogen daarna terug naar Nederland omdat er nog gewerkt moest worden. De laatste zeven weken woonden we in Harderwijk, in het huisje van Dennis. Wat was dat een genot zeg. We hebben veel vrienden en familie bezocht, we hadden feestjes, gingen mountainbiken en heel veel wandelen.
Binnenkort gaan we deze blog vullen met onze avonturen aan boord, nu hebben we nog niet veel te melden. Wel willen we een kleine outlook geven:
Oktober – Madeira
November – Canarische Eilanden
December – overtocht naar Suriname (Gertjan vaart mee)
Januari – Suriname (Met ouders)
Dit is overigens de laatste keer dat we nu al weten waar we over een paar maanden gaan zijn. Als het op zeilen aan komt zeggen we altijd: ‘het beste plan, is geen plan’.









